Brief van Panagiotis, één van de beklaagden in het onderzoek naar de "Samenzwering van Cellen van Vuur".
(context bovenaan + brief onderaan)
CONTEXT:
In december 2008 raasde een zware storm van revolte door de Griekse straten. Na de moord op de jonge Andreas Grigoropoulos door een politieagent, vonden wekenlang rellen plaats die zich uitstrekten over het hele territorium. Honderden banken, winkels, autodealers, kantoren,... werden aangevallen, geplunderd en in brand gestoken. Hoewel in de eerste week na de moord anarchisten en anti-autoritairen zonder twijfel het voortouw namen in deze storm, breidde die zich al snel uit en raakten vele mensen betrokken in deze revolte tegen de miserale levensomstandigheden, tegen de autoriteiten en tegen de uitzichtloosheid die deze wereld de uitgebuiten en onderdrukten aanbiedt.
Nochtans stopte de revolte niet eind december 2008, net zoals ze niet begonnen is op de dag na de moord. De aanvallen tegen de structuren van Staat en Kapitaal bleven doorgaan en namen uitbreiding naar verschillende kleinere steden in Griekenland. Vele van deze aanvallen werden opgeëist door anarchisten en anti-autoritairen, met allen hun onderlinge verschillen en klemtonen. Doorheen communiqués en opeisingen worden vele discussies gevoerd over de perspectieven van insurrectie, stadsguerilla, doelwitten en invalshoeken,...
Op 24 september 2009 werden vier mensen gearresteerd door de anti-terroristische eenheid. Ze worden beschuldigd van “lidmaatschap van de Samenzwering van Cellen van Vuur”, “bezit van explosieven”, “terrorisme”,... De arrestaties vonden een dag na een aanslag tegen het huis van een socialistisch politicus plaats. De politie beweert te beschikken over vingerafdrukken die achtergelaten werden op onontplofte brandbommen van de verdachten; tijdens de twee huiszoekingen (de kameraden werden gearresteerd in twee verschillende huizen) beweert de politie hogedrukpannen, materiaal om elektrische vertragingsmechanismes te maken, resten van explosief materiaal,... gevonden te hebben. De vier gearresteerden werden voor de onderzoeksrechter gebracht. Eén persoon werd vrijgelaten met verplichting zich ter beschikking te houden voor het onderzoek, de drie anderen werden overgebracht naar de gevangenis in afwachting van het proces. De onderzoeksrechter vaardigde eveneens aanhoudingsbevelen uit tegen zes andere kameraden. Alle zes zijn nu voortvluchtig, ondanks de uitgebreide zoekacties van de politie en de wegbarrages die dagenlang opgericht werden in en rondom Athene.
Onder de naam ‘Samenzwering van Cellen van Vuur’ werden de voorbije twee jaren zowat 180 aanvallen met vuur en, sinds enkele maanden, zelfgemaakte explosieven uitgevoerd. De aanvallen viseerden banken, autohandelaars, winkelcentra, overheidsinstellingen, politiekantoren, kantoren van politieke partijen, huizen van politici, rechters, criminologen en journalisten, privé-beveiligingsfirma’s, bedrijven die gevangenissen bouwen,... Vele malen vonden gecoördineerde brandaanvallen plaats: op enkele dagen tijd werden dan een tiental doelwitten aangevallen. In de opeisingen werden niet alleen het Kapitaal, de Staat en de Autoriteit (in al hun facetten) bekritiseerd, maar ook de berusting van de uitgebuiten, hun kuddementaliteit, hun collaboratie met het systeem.
***
BRIEF VAN PANAGIOTIS MASOURAS
Brief van Panagiotis Masouras uit de gevangenis van Avlona (Griekenland)
Woensdag 23 september, 8u15. Wanneer ik uit mijn huis kom in de wijk Galatsi om naar de sportclub te gaan, wordt ik aangehouden door 25 figuren van de Antiterroristische Dienst. In een oogwenk belandde ik met mijn handen geboeid op mijn rug op het voetpad terwijl ze hun commissarissen inlichtten dat “alles goed verlopen was” et “dat ze me hadden”. Ze brachten met naar de 12de verdieping van het Algemene Commissariaat van Athene. De volgende dag kreeg ik bericht dat twee vrienden van mij eveneens gearresteerd waren.
Het spektakel is al begonnen. Ik kreeg geen slaap gedurende 48 uur. Ik was fysiek uitgeput, rechtstaand tegen een muur en onderworpen aan lange ondervragingen terwijl een officier van het éne kantoor naar het andere beende terwijl hij in een waanzin van vreugde uitschreeuwde dat het oorlog was.
Daarna toonden ze belangstelling voor mijn universitaire parcours. Daarna volgden de vriendelijke woorden, de provocatie en de menselijke aanpak van een jongere die op het verkeerde pad getrokken is, dat het zij waren die me terug op het rechte pad en terug tot rede konden brengen; niet voor hen maar voor mezelf zoals ze zeiden. Ik was verplicht ze te helpen door te praten over situaties en personen die ik niet ken. Later vertelde een officier me dat ik de onnozelaar van de groep was, want de anderen “hadden me er direct bijgelapt” en “waren aan tafel komen zitten” (sic) en ik, als ik niet zou praten, ging de gevangenis ingaan voor dingen die anderen gedaan hadden en dus ben ik beginnen antwoorden op situaties die ik niet kende.
Daarna begonnen de nachten in hechtenis: de ‘vriendelijke’ flikken met hun ‘gevoeligheid’ en hun jeugdtrauma’s, de flikken die de onrechtvaardigheid kennen en me wilden helpen. Langs de andere kant, de harde commando’s met hun fullface bivakmutsen, de ‘harde’ toepassers van de wet en vertegenwoordigers van de moraal, die op een totalitaire manier handelden om mij fysiek en psychisch uit te putten, als een soort van wraak omdat ik bleef zwijgen.
Het feit dat ik de beschuldigingen ontken wil helemaal niet zeggen dat ik ooit mijn politieke ‘identiteit’ en mijn afkomst zou loochenen. Ik zou mijn waardigheid nooit onder tafel kunnen schuiven door te ontkennen dat ik een anarchist ben die in opstand komt tegen de waarden en instellingen van deze maatschappij doorheen het revolutionaire kritische denken en haar praktijk. Ik ben een anarchist en ik sta aan de kant van de revolutie en parallel, aan de kant van mezelf.
De reden waarom we vandaag vastgehouden worden, ik en mijn twee vrienden, is overduidelijk. Zelfs de meest naïeve geest kan inzien dat in de huidige omstandigheden, de georchestreerde omstandigheden in de context van de verkiezingen, onze aanhouding de politieke en mediatieke belangen dienen.
De overdrijving van de situatie, de gewapende optochten van de Speciale Antiterroristische Eenheid en de rol van de kakkerlakken-journalisten samen met de politieke situatie van die dagen, volstonden opdat een gevoel van orde en veiligheid bewerkstelligd werd bij de gewone Griek in aanloop naar de verkiezingen. Die zou moeten handelen als een slaapwandelaar en de rol van brave burger spelen op weg naar de verkiezingsurne om nog maar eens het grootste deel van de verantwoordelijkheden voor zijn bestaan te delegeren naar andere handen dan de zijne. We weten al dat de publieke opinie geen opinie heeft et daarom zal iemand ervoor instaan om die opinie te vormen. De sfeer van de laatste dagen is vooral te danken aan de mediatieke ratten en hun dorst voor de “draken van Galatsi” en de “monsters van Halandri”, de serial terroristen die banden hebben met de ‘beruchte’ revolutionaire groepen van wie ze orders krijgen en voor wie ze missies uitvoeren.
Ze hebben bij mij thuis wapens en kogels gevonden, en ook geld waarvan ze zeggen dat het afkomstig is van overvallen, simpelweg omdat ik het verstopt had; de volgende keer zal ik het aan de deur van mijn huis laten liggen.
De maatschappij is niet verdeeld in klassen maar in keuzes en bewustzijn. Laten we dus leren uit de pijn en de vreugde, uit het bloed en uit de straat. We zijn geboren om intact te bestaan ten midden van ongrijpbare individualiteiten. Ongrijpbaar, omdat we weerstaan aan de pijn. Onvoorzienbaar, omdat we hebben in de straat geleerd hebben. Zonder aarzeling, omdat we ons tegen allen zullen keren want we gaan leren om het staal methodisch te vloeren met vlees en het beton te drenken in revolutionair bloed.
We executeren de moraal en maken er de wachtkamer van de vernietiging van; we fluisteren met woede en bijtend de woorden: OORLOG en AANVAL want enkel de schoonheid en de kracht tellen, hoewel de lafaards de rechtvaardigheid uitgevonden hebben om zich te beschermen.
Daar waar er prikkeldraad is zijn er bebloede handen die de prikkeldraad losrukken. Daar waar er beton is, zijn er woedende kreten die het vernietigen. Daar waar er ijzeren staven zijn, zijn er individuen die ze zoals bijtend zuur aanvreten. Daar waar we levend begraven worden, begraven we de moraal erbij.
We zijn het aan onszelf verplicht om in onze ketens te breken, zelfs als we moeten sterven in een poging ze te breken. Want, we zijn niets anders dan de vrucht van onze eigen keuzes.
Voor de eer, de waardigheid, de revolutie.
VRIJHEID VOOR ONZE KAMERADEN: V. PALLIS – G. DIMITRAKIS – G. VOUTSIS-VOGIATZIS – P. GEORGIADIS – I. NIKOLAOU.
ONMIDDELLIJKE VRIJLATING VAN MIJN MEDEBEKLAAGDEN CH. CHATZIMICHELAKI – M. GIOSPA
Panagiotis Masouras Gevangenis van Avlona Griekenland (begin november 2009)
|